NSOB-onderzoek

Een samenvatting van het NSOB-onderzoek naar Kanaal Almelo-De Haandrik.

Wat?

Na het uitdiepen van Kanaal Almelo-De Haandrik ontstond schade voor bewoners. De provincie Overijssel nam verantwoordelijkheid voor een deel van de schade. De relatie tussen bewoners en provincie werd in die periode slechter, niet beter.

Waarom?

De provincie had goede bedoelingen met de schadeafhandeling. Een deel van de acties met goede bedoelingen pakte echter verkeerd uit. De Nederlandse School voor Openbaar Bestuur (NSOB) heeft voor de provincie een lerend onderzoek uitgevoerd. De provincie wil leren wat zij anders kan doen en ook lessen delen met andere overheden.

Hoe?

De NSOB bekijkt hoe de provincie is omgegaan met schade. We noemen dat het schadebeleid. We maken gebruik van een model van Kuipers over vertrouwenwekkend schadebeleid. Wat maakt de overheid betrouwbaar? En wat willen gedupeerden na schade?

Het model bestaat uit zes principes:

  • Erkenning: worden bewoners gezien?
  • Participatie: worden bewoners gehoord?
  • Begrijpelijkheid: kunnen bewoners het beleid volgen?
  • Openbaarheid: kunnen bewoners inzien hoe beleid ontstaat?
  • Onafhankelijkheid: kunnen bewoners naar een onpartijdige beslisser?
  • Voortvarendheid: worden bewoners snel geholpen?

Opbrengst?

Het klinkt misschien simpel, maar dit model is geen afvinklijstje. De praktijk blijkt ingewikkeld. Erkennen is bijvoorbeeld niet zo makkelijk als het klinkt. De provincie kiest welke bewoners zij ziet als gedupeerd. Maar allerlei anderen worden dan niet gezien. Bijvoorbeeld omdat ze verder weg wonen of omdat ze later schade melden. Onafhankelijke deskundigen worden ingezet om schade te bepalen. Zij zijn het niet altijd eens. Dat zorgt juist voor onzekerheid. Wie heeft er dan gelijk? En de zes principes botsen. Een snelle schaderegeling betekent bijvoorbeeld dat bewoners niet meepraten. Bijzondere situaties erkennen betekent uitzonderingen die je moeilijk kan uitleggen.

Lessen?

  1. Goede bedoelingen zorgden voor verwachtingen en creëerden eveneens teleurstelling. De provincie kan de situatie niet terugbrengen naar vroeger. Daar moet de provincie eerlijk over zijn naar bewoners toe.
  2. Woorden betekenen verschillende dingen voor bewoners en overheid. ‘Ruimhartig’ is voor een bewoner iets anders dan voor de overheid. De provincie kan hier beter rekening mee houden. Bijvoorbeeld door door te vragen en te checken met bewoners wat zij bedoelen.
  3. Er is hier geen makkelijke les te trekken. De provincie moet moeilijke keuzes maken. Niet iedereen zal blij zijn met de uitkomst. Elke regeling zal mensen moeten uitsluiten. Teleurstellingen zullen blijven bestaan. Daar moet de provincie duidelijk over zijn.